Reisverslag - dag 19 t/m 21
Dag 19 - Donderdag 20 augustus 2009: Reisdag naar Danum Valley, incl. bezoek aan Gomantong grotten, en via Lahad Datu; avond-excursie
Route: Sukau, Lahad Datu, Danum Valley
Weer: warm
Activiteiten:
- Bezoek aan Gomantong grotten (oogsten van vogelnestjes)
Overnachting: Borneo Rainforest Lodge (Danum Valley)
Onze groep valt nu geheel uit elkaar. Ieder ontbijt en vertrekt op een andere tijd. De eersten gaan al om 6 uur weg. Wij om 8 uur en de laatsten vertrekken rond 11 uur. Wij
hebben vandaag een reisdag naar Danum Valley. We onderbreken de reis met een bezoek aan de Gomantong grotten en een lunch in Lahad Datu.
Wij worden met een bootje 5 minuten stroomafwaarts gebracht, naar een dorpje. Daar staat een busje op ons te wachten met chauffeur Munir. Hij heeft ons eerder in
Sandakan ook al gereden. Het is een opgewekte oudere man die in gebroken Engels (ook al is hij niet de gids) van alles vertelt over wat je ziet. Samen met de gids vormt
hij een goedlachs en informatief duo. We doen er ongeveer een uur over om bij de Gomantong grotten te komen. Het laatste deel gaat over onverharde weg. Munir zegt dat
een orang-oetan hem een sms heeft gestuurd en dat hij op ons wacht op het wandelpad naar de grotten. Ik denk nog dat hij wat zit te zwetsen, maar er blijkt echt een
orang-oetan te zitten: drie in totaal! Wilde orang-oetans! Een onverwacht leuk extraatje.
In de Gomantong grotten (een stelsel van grotten met 15 kamers) leven vleermuizen en gierzwaluwen. De vleermuizen slapen er overdag. En de gierzwaluwen slapen er ’s
nachts. Er leeft ook een ontelbare hoeveelheid kakkerlakken op de enorme berg stront die de vleermuizen en gierzwaluwen produceren. De gierzwaluwen bouwen nesten in de grot.
Deze nesten worden door met name Chinezen gebruikt om vogelnestjessoep van te maken; een lekkernij naar het schijnt. In de hoogste grotten worden witte nestjes geoogst
(gemaakt van alleen speeksel van de gierzwaluw). In de lagere grotten worden zwarte nestjes geoogst (waarin naast speeksel ook veren en uitwerpselen zitten). Om verklaarbare
redenen leveren de witte nestjes meer geld op.
Een positieve verrassing is dat ze bezig zijn met het oogsten van vogelnestjes op dit moment. In tegenstelling tot wat er in de reisgids staat, oogsten ze hier 3x per jaar;
in februari, augustus en in november.
Er is gelukkig een vlonderpad aangelegd door de grot waar we over kunnen lopen. Wij hoeven niet, net als de werklui, over de berg stront en de kakkerlakken te lopen. De
planken zijn alleen wel glibberig van de poep en soms behoorlijk steil. Wij glijden gelukkig niet uit, want naast de kakkerlakken leven er allerlei andere soorten
ongedierte. Niet een plek waar je languit wilt gaan. Het stinkt wel, maar minder dan ik had verwacht.
Er worden op verschillende plekken nestjes geoogst. Dit wordt gedaan vlak nadat de jongen zijn uitgevlogen. Nu dus. Hier en daar zit nog een jong versuft om zich heen
te kijken, omdat het geen puf heeft om weg te vliegen. Om bij de nestjes te komen die tegen de grotwand en het plafond zitten op 20-45 meter hoogte, worden rotan en
ijzeren trappetjes gebruikt in combinatie met een soort brugconstructies. Als ze dichtbij genoeg zijn prikken ze met een stok met schepnet eraan, het nestje van de muur
of het plafond. Hoogtevrees is een concept waarvan ze hier nog nooit hebben gehoord. Ik word al een beetje week in de knietjes als ik er alleen maar naar kijk. Je moet
een waaghals zijn, maar dan kun je ook een hoop geld verdienen. In een jaar verdient een plukker ongeveer €3000 (ofwel 10.000-15.000 ringit). Dat is hier veel
geld. Daarvoor moeten ze dus 3x per jaar een week nestjes oogsten en de rest van het jaar blijven ze bij en in de grot. Een aantal slapen er zelfs om de nestjes te bewaken
tegen plundering. Het oogsten wordt bijgewoond door een afgevaardigde van de regering of zoiets, om te waarborgen dat het oogsten legaal gebeurt.
Nadat ik de gids heb gevraagd of we een nestje kunnen zien, regelt hij dat voor ons met de plukkers. We zijn de enige toeristen in de grot. We zien een zwart nestje, vol
met poep en kleine veertjes. Wordt hier soep van gemaakt?! Een nestje is veel kleiner dan ik dacht; zeg vuistgrootte. Daar zitten 1 tot soms 3 jongen van de gierzwaluw in.
Buiten de grot staan twee woonhuizen op palen. Hier wonen de werkers van twee bedrijven. Om de zoveel tijd is er een ‘bidding’ om te bepalen welke bedrijven
toestemming krijgen om in de grotten de nestjes te oogsten. De twee hoogste bieders krijgen de toestemming. Dit zijn altijd Chinese bedrijven. Zij willen veel geld betalen
om de nestjes te oogsten omdat ze die investering in China makkelijk terug kunnen verdienen. Een kilo witte nestjes levert $500 op.
Ik vind het bijzonder indrukwekkend om dit te zien. Ik had er al wel van gehoord, maar het nog nooit gezien. En de grotten zijn extra speciaal als ze ook daadwerkelijk de
nestjes aan het oogsten zijn.
Na het bezoek aan de grotten rijden we door naar Lahad Datu. Dat is nog ongeveer 2 uur rijden. Onderweg stoppen we even bij een klein meertje. Munir (de chauffeur) heeft
hier eerder zeldzame eenden gezien. Hij heeft de enorme zoomlens van Wouters fototoestel gezien en schat in dat we wel van vogels spotten houden. De eenden zitten er nog. Het
zijn volgens Munir trekvogels vanuit Australië. Ze trekken onder andere ook langs Nieuw Guinea.
In Lahad Datu lunchen we in een Maleisisch restaurant. We kunnen weer bij een kraampje aangeven wat we willen. Wij gaan voor zoetzure vis (lekker), groente en
rundvlees (taai). De chauffeur regelt voor ons een schaal mango, omdat hij vindt dat wij deze plaatselijke vrucht ook moeten proeven.
We worden naar het kantoor van de touroperator gebracht van waaruit we met een andere auto (4WD) naar Danum Valley vertrekken. Dat is een kleine 90 km rijden, waarvan 77 km
over onverharde weg. De weg is extreem slecht. De gidsen in Sukau maakten al grapjes over een ‘free body massage’ die we zouden krijgen. Dat klopt; we worden
compleet door elkaar geschud. Onderweg zien we drie herten die de weg oversteken: samba herten.
We komen rond 4 uur bij de Borneo Rainforest Lodge in Danum Valley aan. De lodge bestaat uit een open hoofdgebouw met terras bij het water. Via een vlonderpad kun je
de huisjes bereiken. Wij zitten in het achterste huisje; dat is ruim 5 minuten lopen vanaf het hoofdgebouw. Het is een ruime kamer met badkamer en een klein balkon. Het huisje
staat op palen met uitzicht naar de rivier. Na het uitpakken van de tas en een verkwikkende douche zijn we om 6 uur klaar voor de diapresentatie over de lodge en het natuurgebied
waar het in ligt. Danum Valley is één van de drie natuurgebieden in een groot ‘concession area’; dat is een gebied waar ze de balans
zoeken tussen houtindustrie/houtkap van tropisch hardhout, palm(olie)plantages, natuurgebied en toerisme. Ze hebben ook een onderzoekscentrum. Eén van de doelen is om tot
een soort ecologische hoofdstructuur te komen tussen de drie natuurreservaten, zodat het wild zich vrij kan verplaatsen. In het resort werken voornamelijk mensen uit het gebied
zelf. Zij zijn getraind als natuurgids, kelner, et cetera en hebben Engels geleerd. Ons valt op dat hun Engels verstaanbaar is, maar niet bepaald vloeiend.
Het dinerbuffet is open van 19.00-20.30 uur. Om half 9 vertrekt onze avondexcursie. We gaan op een open truck met behulp van een schijnwerper nachtdieren zoeken. We hebben het
niet bijster naar ons zin. We zitten ingeklemd tussen luidruchtige Italianen, de nachtdieren die de gids opspoort zijn klein en onvindbaar vanaf de laadbak door alle takjes
eromheen. En als de gids wat interessants ziet (een civetkat) heeft precies dan een Engelse vrouw een spin in haar broekspijp en wordt het licht en alle aandacht daarop
gericht. Weg civetkat. Wouter heeft een grijze staart gezien. Ik een grijze flank. Beiden zien we geen herkenbare civetkat. Halverwege de tocht stort een tropische regenbui zich
over ons uit. Kortom: het is niet onze avond. We zijn moe, hebben het warm en we zijn het zat.
Dag 20 - Vrijdag 21 augustus 2009: Ochtend-wandeltocht door jungle en over boomtoppen-boardwalk; wandeling rond hotel, incl. orang-oetan dichtbij in boom (in stromende regen); avond-wandelexcursie
Route: Danum Valley
Weer: bewolkt en regen
Activiteiten:
- Ochtendwandeling
- Orang-oetan in boom
- Avondwandeling
Overnachting: Borneo Rainforest Lodge, Danum Valley
We zijn weer vroeg op (6 uur) om op tijd te zijn voor de ochtendwandeling. Onze gids heet Fred en tot ons ongenoegen zitten we in de groep met zes Italianen. In
vogels lijken ze niet geïnteresseerd; ze hebben niet eens een verrekijker. Het zijn meer de types die gaan voor de ‘fun’. We lopen over de
hoofdweg naar de boomtoppen-wandeling. Die sla ik over. Als de anderen, Wouter ook, op 30 meter hoogte door de boomtoppen lopen over een touwbrug, geniet ik van de rust. Ik
loop op mijn gemak wat over de hoofdweg vlindertjes en vogels te kijken; lekker rustig. Wouter ziet vanaf de touwbrug nog een mooi vogeltje: een ‘black and yellow
broadbill’. Verder zien we een ‘yellow eared spiderhunter’ en een ‘chestnut breasted makoha’.
Terug in het resort is het tijd voor het ontbijt (8.45 uur). Om 9.45 uur start de volgende activiteit: een wandeling naar een uitzichtpunt; ‘the coffin
trail’. Wij hebben het even gehad met de hitte en al ons zweet. We besluiten dit uitje over te slaan. We voorzien een herhaling van de tegenvallende
‘mangrove-wandeling’ in Sepilok. Wouter gaat een dutje doen en ik ga rustig op ons balkon een boekje lezen en het reisverslag bijwerken; met al die activiteiten
loop ik hopeloos achter. Helaas lopen we nu ook een dip in de ‘jacuzzi pool’ mis. Dit is een watertje bij watervallen waar je in kunt zwemmen. Hier zwemmen
visjes die aan je gaan knabbelen. Ze eten de dode huidcellen van je lijf. Het leek me lekker om in het water te spetteren en een bijzonder ervaring om ‘opgegeten’
te worden. Hopelijk kunnen we nog organiseren dat we er op een ander moment heen gaan. Als Wouter weer wakker is, zitten we nog even lekker op ons balkon wat om ons heen
te kijken naar vogeltjes.
Na de lunch staat een middagwandeling met gids op het programma (15.30 uur). Onze gids, Fred, heeft geregeld dat we met een andere groep mee kunnen, met mensen die ook
voor de vogeltjes komen.
Als we na de lunch teruglopen naar onze bungalow horen we van een gids dat er een orang-oetan te zien is langs de weg. Chop, chop, … , wij erheen dus. Het
blijkt een mannetje te zijn die, in een boompje met een dun stammetje, vruchten en bladeren zit te eten. Hij zit pal langs de weg. Wij zijn de enige toeristen die er zijn. Er
is één gids; ik vermoed om er voor te zorgen dat er geen gekke dingen gebeuren. Het mannetje met grote flappen bij zijn wangen, is heel goed te zien, want
hij zit in een nogal miezerig boompje. Er zit niet heel veel blad aan de boom en de bladeren die er aan zitten, rukt hij met tak en al los om ze te kunnen eten. Als hij
richting een tak met blaadjes klimt, buigt de boom gevaarlijk door over de weg. En als hij een tak afbreekt is het net of hij uit de boom komt vallen. Het is een
heel spektakel. Dan begint het te stortregenen. De orang-oetan maakt een paraplu voor zichzelf door bladeren over zijn hoofd te leggen. En wij schuilen snel onder een afdakje. Op
een gegeven moment komt een Engels gezin (vader, moeder, twee zoontjes van 6-8 jaar) bij ons schuilen. Als één van de zoontjes de orang-oetan goed bekijkt roept
hij met een bekakt Engels accent: “Look, he’s got very big cheeks, just like you daddy!”. Ik ben dan net een filmpje aan het maken en heb dit
commentaar goed verstaanbaar opgenomen. Wat een pret!
De regen komt een uur lang met bakken uit de hemel. Wij zitten al die tijd onder het afdakje. Om half 4 zitten we daar nog. Als de orang-oetan het bos in is gegaan en
het droog is gaan ook wij weer op pad. We horen dan dat vanwege de regen de wandeling niet doorgaat. We besluiten zelf een ommetje rond het resort te maken en de ‘nature
trail’ te gaan lopen, maar eerst moeten we nog een paar flinke buien afwachten voor we op pad kunnen gaan. In die tijd komt een ‘crested fireback’
langslopen; mannetje en vrouwtje. Onze vogelgids noemt ze zeldzaam. Er staat ook geen foto van het mannetje in de gids. Deze was niet beschikbaar omdat het zo’n
zeldzame vogel is. Wij denken dus iets speciaals te zien. Nou, meneer van de uitgeverij; ik heb het mannetje mooi op de foto staan! Later die avond vertellen we onze gids
Fred over de vogels en hij noemt het een boskip. Volgens hem worden ze hier regelmatig gezien, echt speciaal lijkt hij het niet te vinden. Het is een soort fazant en loopt
over het gras en door laag struikgewas om eten te zoeken.
Tijdens de ‘nature trail’ zien we niet zo veel. Het is wel lekker om even de benen te strekken. Anders doen we de hele dag niets anders dan zitten en eten. Na
het diner maken we een wandeling met gids Fred. Zaklamp mee en ‘leechsocks’ aan want het is donker en we gaan deels door struikjes lopen. Bloedzuigers zien we
gelukkig niet. We zien wel veel kikkers. Fred vindt de meeste. Ik vind er ook één: ‘the white sticky frog’. Ik word door Fred gelijk gepromoveerd tot
zijn assistent. Naast kikkers zien we een slang, wandelende takken, een deadleaf frog, nachtvlinders en sprinkhanen. We zien zowaar meer beesten in het donker dan overdag! Het
blijft gelukkig droog.
Mijn poging om naar huis te bellen mislukt. De mobiele telefoon heeft geen ontvangst. Op zich niet verwonderlijk als je bedenkt hoe ver we in de jungle zitten.
Dag 21 - Zaterdag 22 augustus 2009: Ochtend-wandeltocht, op zoek naar vogels; rijden naar Lahad Datu; vlucht naar Kota Kinabalu
Route: Danum Valley, Lahad Datu, Kota Kinabalu
Weer: warm/heet
Activiteiten:
- Ochtendwandeling
- Terugreis naar Kota Kinabalu (auto en vliegtuig)
- Zonsondergang aan kust van Kota Kinabalu
Overnachting: Shangri La Hotel City Hotel (Kota Kinabalu)
Om ons tegemoet te komen heeft Fred de Italianen vertelt dat ze niet mee kunnen op de ochtendwandeling omdat de groep dan te groot wordt. We gaan met Fred als
onze privé gids om half 7 op pad. De vogels lijken uit te slapen vandaag. In het begin zien we niet zo veel. Als de zon doorkomt, lijken de vogels pas tot leven te
komen. We zien: yellow eared spider eater, flycatcher, striped tit warbler, black (of: white bellied) woodpecker (zwart, rode kuif en witte buik) en we zien een paar
neushoornvogels overvliegen. Helaas zien we geen trogons en pitta’s. Dat zijn mooie kleurige vogeltjes. Verder zien we nog een paar hele kleine eekhoorntjes: ‘the
pygmee squirrel’. Ook zien we de wilde bananenplant en de wilde yamplant. Verder boven in een boom zit
nog een ‘tiger orchid’. Deze orchidee groeit als een epifyt aan een boom en is enorm groot. Fred vertelt dat het de grootste orchidee ter wereld is. Waarom het
een tiger-orchid heet ontgaat me want de bloemen schijnen wit en paars te zijn. De orchidee bloeit maar 1x in de 3 tot 5 jaar; wij zien de bloemen dus niet.
Na het ontbijt hebben we net genoeg tijd om te douchen, de tas te pakken en uit te checken. Rond 10 uur start de ‘bumpy ride’ richting het vliegveld van
Lahad Datu. We zitten met z’n tweeën in een 4WD. Dat is erg prettig om je goed vast te kunnen houden. We schudden behoorlijk heen en weer. Na ruim twee uur bereiken we
asfalt. Yeah! We worden afgezet op het vliegveld van Lahad Datu. Daar nemen we om 14.40 uur het vliegtuig naar Kota Kinabalu. We vliegen met een klein toestel: een megapropper.
Vooraf hebben we gelezen dat je maximaal 15 kg aan bagage mee mag nemen. Heb je meer dan moet je bijbetalen. Wij hebben 8 kilo te veel, maar we hoeven dit keer gelukkig niets
bij te betalen.
Om overbelading van het vliegtuig te voorkomen schijnen de passagiers en de handbagage gewogen te worden. Bij ons is ook dat gelukkig niet het geval. We
vliegen in 55 minuten naar Kota Kinabalu. Daar staat een mannetje van Borneo Eco Tours op ons te wachten om ons naar het “Shangri La City Hotel” te brengen. Het
is hetzelfde hotel als waar we eerder waren. Nu hebben we er een kamer waar de wc niet van lekt.
Ik bel even naar huis. Daar gaat gelukkig alles goed. Pap heeft de bestralingen en de chemo voor zijn slokdarmkanker (ter voorbereiding op de operatie) redelijk goed
doorstaan. Ze zullen de komende week vakantie gaan houden in ons huis in Zeist. Later mailen we nog naar de rest van de familie zodat iedereen weer op de hoogte is
van ons reilen en zeilen.
|