Reisverslag - dag 10 t/m 12
Dag 10 - zaterdag 12 februari - Luxor, tempel van Karnak
We mogen voor ons gevoel uitslapen. Een deel van de groep is vroeg op om een tocht met een luchtballon te maken.
Wij hoeven pas om kwart over negen klaar te staan om op de fiets naar de Tempel van Karnak te gaan. Fietsen in Luxor
op wat krakkemikkige fietsjes is een belevenis. Ook een gek idee om zo ver van huis te fietsen. Bijna de hele groep
gaat op de fiets.
Bij Karnak wacht om tien uur de gids 'George' op ons om een rondleiding van 1,5 uur te geven.
De tempel van Karnak heeft een gigantisch oppervlak. Bijna alle farao's in het nieuwe rijk hebben er wel een stukje
aan of bij gebouwd. Onder andere Hatsjepsut (waar op de westoever de graftombe van is), maar ook Tutmosis, Seti I,
Ramses II, Ramses III en vele anderen. Het complex (dit beschrijft de situatie beter dan 'tempel') van Karnak bestaat
uit verschillende tempels. Op mij maakt vooral de zuilenhal grote indruk. Het linkerdeel is gebouwd door Seti I. Het
rechterdeel is gebouwd door Ramses II. Héél véél zuilen, meer nog dan bij de tempel van Luxor, en héél hoog! Wat over
is van het plafond is met mooie kleuren en figuren beschilderd. De zuilen en omringende muren zijn bedekt met
reliëfs. Wij nemen een foto van de cartouche van Ramses II en de tekens die betekenen dat hij van boven en beneden
Egypte farao was: de bij en de papyrus.
Ook de tempel van Ptah is bijzonder. De tempel is klein en ligt achteraf. Maar binnenin is het bijzonder omdat daar in
twee ruimtes beelden van Ptah en Sechmet staan. De bewaker/wacht doet de deur achter ons dicht, zodat we in het bijna
donker staan. Alleen door een gat in het plafond boven het beeld van Sechmet komt licht. Dit valt precies op het
beeld. Dit heeft iets mystieks. Precies om twaalf uur zou het licht loodrecht op het beeld moeten staan. Dat klopt niet
helemaal, maar wel genoeg voor een mooi effect.
De ruzie tussen de eerste vrouwelijke farao Hatsjepsut en haar broer Tutmosis III (18e dynastie) is ook aan Karnak niet
ongemerkt voorbij gegaan. Hatsjepsut heeft twee obelisken in de tempel laten plaatsen. Toen Tutmosis III haar heeft
vermoord om zelf aan de macht te komen, liet hij alle beeltenissen van haar vernietigen. Dat zagen de priesters van
Karnak. Om te voorkomen dat ook de obelisken vernietigd zouden worden, hebben zij muurtjes om de obelisken laten
metselen. Zo was de obelisk niet meer te zien. De onderkant van de obelisken (die bedekt zijn geweest) zijn nog altijd
zwarter dan het bovenste gedeelte (die verkleurd zijn door de zon).
Als we de tempel van Karnak even voor tweeën verlaten, hebben we honger. We fietsen terug richting het hotel en gaan
eten bij "Chez Omar" in de tuin. Het terras ligt op een plein naast de soek. We eten uitgebreid zodat we vanavond alleen
nog wat broodjes hoeven te eten. We gaan namelijk naar de sound-and-light show in de tempel van Karnak. Daar moeten
we om 19.15 uur zijn. Dus tijd om uitgebreid te eten hebben we dan niet.
Na het eten lopen we nog over de soek (voor wat foto's) en gaan we mailen naar het thuisfront.
Nu zitten we even bij te komen op het dakterras van het hotel. Het is alleen erg winderig en daardoor erg frisjes. We
zullen zo wel verkleumd aftaaien naar onze hotelkamer.
We eten onze broodjes en koek (gekocht op de soek) op de hotelkamer en gaan op tijd op pad naar Karnak. Daar komen
we rond 19.15 uur aan en voegen ons bij wat anderen van de groep. We zijn in totaal met z'n achten. Op aanraden van
Roëlla zijn we mooi op tijd (= half uur te vroeg) en staan we met de buik bij het touw (=vooraan de rij). De show
bestaat uit een wandeling door de tempel (laan met de sfinx/rammen, zuilenzaal, ingang tempel Ramses III) met daarbij
lichteffecten en een soort hoorspel/toelichting. Dit geeft een mooi mysterieus effect. De muziek en het licht vergroten
het dramatisch effect. Met het licht lijken de zuilen nóg hoger dan vanochtend.
Vlak voor we weer bij een punt moeten stoppen, krijg ik een aai over mijn hele rug van een Egyptenaar (iemand van de
organisatie). Ik schrik er zo van dat ik te verbouwereerd ben om er iets van te zeggen. Vanaf dat moment blijft Wouter
extra dicht bij me in de buurt. We wagen het zelfs om hand in hand te gaan lopen. Dit is op straat eigenlijk ongepast.
In Egypte zitten man en vrouw niet in het openbaar aan elkaar. Maar in het donker tussen de toeristen vinden we dat
het wel even kan.
Het slot van de show bekijken we vanaf een tribune over het heilige meer. Dit deel duurt wat lang; er staat een koude
wind en de spectaculaire effecten blijven uit. Kortom: we vonden het eerste deel mooier dan het tweede.
We zijn rond half tien weer terug in het hotel waar we lekker een kop koffie drinken om weer warm te worden. We zijn
behoorlijk verkleumd.
Dag 11 - zondag 13 februari - Luxor, fietsen op de westoever
De groep (met uitzondering van Mildrid, Gerda en Astrid) is vanochtend vroeg met de bus naar Dendera vertrokken. Hier
is een tempel die een heel bijzonder plafond schijnt te hebben.
Wij hebben als enigen onze fietsen van gisteren gehouden. We gaan naar de westoever om daar op de fiets de graven en
tempel te bekijken die de groep vrijdagmiddag heeft gezien. Toen hadden wij onszelf een vrije middag gegeven bij het
zwembad.
We gaan met de 'public ferry' de Nijl over (retour met fiets, 2 personen; 4LE). Mij wordt meerdere keren zeer
indringend 'gevraagd' of ze mijn fiets voor me kunnen dragen. We moeten namelijk een aantal trappen af. Maar ik ben
prima in staat om mijn eigen fiets te tillen (dank u wel!). Ik ben niet van plan die mannen een gelegenheid te geven
om me aan te raken, wil ze geen fooi geven, en houd mijn fiets dus goed vast. De boot af is het weer hetzelfde
liedje (en de terugweg blijkt niet anders). Egypte is prachtig, maar dit gedoe raken we nu zo langzamerhand behoorlijk
zat.
In onze reisgids staat gelukkig een kaartje, want de routeborden zijn veelal in het Arabisch en niet erg talrijk.
Onze eerste stop zijn de kolossen van Memnon. Deze beelden (of wat er van over is) staan voor de tempel van
Amemhotep III (?). De kolossen zijn (tot nu toe) het enige zichtbare. Ze zijn bezig met de opgravingen op de plek waar
de tempel zou moeten zijn.
Onze tweede stop is het centrale "ticketoffice" waar we kaartjes kopen voor de tempel van Habu en de graven der
edelen. Voor de graven kopen we twee kaartjes pp zodat we vier graven kunnen bezoeken. Voor de Vallei der Koninginnen
moeten we bij de poort een kaartje kopen.
Dan fietsen we door naar de Vallei der Koninginnen. Het is daar vrij rustig. We bezoeken er drie graven die open
zijn:
- Graf van prins Chaemwaset (dit blijkt de mooiste te zijn die we zien in het dal);
- Graf van Amonher Chopsjef;
- Koningin Titi.
Het graf van Nefertari is na de restauratie nog maar zeer beperkt toegankelijk. Wij komen daar dus niet in. We zien
wel een groep naar binnen gaan: etterig!
Als we terugkomen bij de fiets hebben we een meevaller. Bij aankomst leek zich een jongen over onze fietsen te willen
ontfermen. Daar zijn we toen niet op ingegaan. Maar hij is wel naast onze fietsen gaan zitten. Dus nu verwachten
wij "baksisj" te moeten betalen omdat hij op onze fietsen heeft gepast. Maar niets van dat alles. Hij laat ons
zonder 'gebedel' vertrekken.
Na de vallei der Koninginnen gaan we naar de tempel van Medinet Habu (graftempel). Vlakbij de tempel passeren we
een ezel met een jong. De trotse eigenaar meldt ons dat het jong nog maar één dag oud is. Dit roept hij als wij
langskomen. Daar ter plekke stoppen, lukt helaas niet. De weg loopt daar namelijk naar beneden en Wouter's enige
rem (handrem) is al aan het begin van de dag afgebroken. Wouter kan dus helemaal niet meer remmen. De truc is nu dat
ik schuin voor hem ga fietsen. Ik rem en Wouter houdt zich tegen mij tegen. Zo kunnen we onze snelheid bij afdalingen
aardig reguleren. Een noodstop (bijvoorbeeld om een één dag oude ezel te bekijken) is echter helaas niet mogelijk.
De tempel van Habu bestaat weer uit een behoorlijk complex: de tempel, links een paleis en eromheen een vestingmuur.
In de tempel zijn nog mooie kleurige schilderingen te zien.
We vergaren wat extra informatie door bij verschillende groepen met gids even mee te luisteren. Als een groep
Nederlanders met gids bij een bepaald reliëf enorm beginnen te lachen, weten we ook waar het smeuïge tafereel is
afgebeeld met de handen, tongen en penissen. Hier heeft Tamara ons over verteld. Tijdens een bepaalde veldslag werd
bijgehouden hoeveel soldaten van de vijand gedood waren. Dit deden ze door van deze soldaat zijn hand af te hakken,
deze te verzamelen en vervolgens te tellen. Hiermee werd gesjoemeld door per dode niet één maar twee handen af te
hakken. Toen de farao dat merkte gaf hij zijn leger de opdracht om in plaats van de hand de tong af te hakken. Maar
ook hier werd mee gesjoemeld. Aan de verzameling werden ook tongen van vrouwen en kinderen toegevoegd. Om er zeker van
te zijn dat elke dode soldaat slechts één keer geteld zou worden, gaf de farao tot slot de opdracht om de penissen af
te hakken. In het reliëf zijn de gevechten te zien, maar ook de stapels handen, tongen en penissen (of zijn dit de
tongen?).
De achterste zaal van de tempel is nog een tijd in gebruik geweest als koptische kerk. We vinden hier maar een paar
overblijfselen van afbeeldingen terug.
Na het tempelbezoek gaan we lunchen bij het restaurant waar we vrijdag ook met de groep hebben gegeten. We gaan op
het enige zonnige plaatsje op het terras zitten en bestellen patat en salade. We worden al snel omringd door een groep
Franse toeristen die hun lunchbox op het terras opeten. Zij hebben een lunchpakket van de cruiseboot (*****) meegekregen.
De kinderen in de groep zijn jaloers op onze patat. Wij hebben op onze beurt medelijden met deze luxe-toeristen. Zij
moeten 's avonds al eten op de boot en dan krijgen ze overdag ook nog eens een lunchbox mee. Wanneer krijgen zij de
kans om eens kennis te maken met het echte Egyptische leven en de Egyptische keuken?
Na de lunch gaan we naar de graven van de edelen. Deze graven liggen tussen de huizen van het dorpje Kurna. Als we
aankomen staat er al gelijk een jongen/gids op ons te wachten die ons wel voor geld naar de graven wil brengen. Voor
10LE willen we dat wel. We zijn bang dat we alles zelf zo tussen de huizen niet kunnen vinden. Maar de prijs is een
probleem. De jongen moet namelijk al 10LE tax aan de politie betalen om als gids te mogen werken. Dus hij wil meer
geld. Als wij voet bij stuk houden, 'chartert' hij zijn broer. Die hoeft geen tax (smeergeld?) te betalen en hij zal
ons voor 10LE naar de gewenste graven brengen.
We gaan naar het graf van:
- Rechmire (18e dynastie); Hij was een hoge ambtenaar onder Toetmosis III en Amenofis II;
- Nakht (18e dynastie); Hij was klerk en astronoom van Amon;
- Sennefer. Dit vinden we de mooiste. In de grootste ruimte zijn vier beschilderde pilaren. Het plafond heeft
verschillende patronen en op de muur en pilaar zijn afbeeldingen te zien van Sennefer en zijn vrouw. De kleuren zijn
heel mooi. Op de afbeeldingen is onder andere te zien dat Sennefer zijn kuit laat masseren door zijn vrouw. Op het
plafond zijn wijnranken en druiven afgebeeld. Op de muren is onder andere het maken van wijn (pletten van druiven) te
zien;
- Menna (18e dynastie); Hij was inspecteur van de koninklijke landerijen.
In elk graf is weer een mannetje dat uitleg geeft (ongevraagd natuurlijk) en ons bijlicht met een systeem van spiegels
waarmee ze het licht van buiten op de muren van de tombe laten schijnen. Het is natuurlijk wel de bedoeling dat we
hiervoor betalen. Wouter drukt ze bij het weggaan steeds 1 LE in de hand. Geen idee of dit redelijk is. We lopen weg
zonder op tegensputteren te wachten.
Bij het eerste graf krijgen we ons kaartje pas terug als we betalen. Terwijl we het kaartje ook nog nodig hebben voor
het tweede graf. Daar hebben we van geleerd. Bij het derde graf hou ik het kaartje vast zodat het mannetje er slechts
een stukje af kan scheuren. Dit levert grote onvrede op. Hij probeert het tot 3x toe, maar ik weiger het kaartje los
te laten. Dan scheurt hij in 1x de hele controlestrook af, zodat het net lijkt of we al vier graven hebben bezocht. Bij
het vierde graf kunnen we na enige toelichting gelukkig toch nog binnen.
Het hele dorp hoopt aan ons te verdienen: meisjes die hele vieze stofpoppetjes voor 1 LE aan ons willen verkopen; een
man die ons een boekje met ansichtkaarten wil slijten; een cafeetje; ... We gaan nergens op in. Lopend van het ene
naar het andere graf worden ons ook vondsten aangeboden (scarabeeën en dergelijke) die echt zijn (of dat zeggen ze
tenminste) en die ze in of onder hun huis hebben gevonden. Na zo'n dagje zelfstandig op pad te zijn geweest zijn we
niet meer in staat om goed bedoelde (echte) gratis hulp van de geldvragers te onderscheiden. We zeggen zonder pardon
op alles nee en houden iedereen van ons af. We voelen onszelf vrij a-sociaal.
We maken nog een klein tochtje op de fiets door een dorpje en langs wat landbouw en gaan dan terug naar de
ferry. Onderweg verbazen we ons weer eens over de levenswijze van de Egyptenaren. Muurtjes zijn er om vuilnis, en
verder alles wat je niet meer wilt, over heen te gooien. Rond de huizen is het een rommeltje, vies. De huizen zijn
nog niet afgebouwd of half vervallen, maar ze hebben wel een schotelantenne op dak.
Terug in Luxor brengen we de fietsen terug en doen we inkopen voor de treinreis van morgen (eten, drinken). Ook
kopen we nog een tas, zodat we onze grote 'Bastet' in de handbagage makkelijk mee kunnen nemen. Ik ben erg content met
de gekochte tas; een mooi gekleurd streepstofje. Roos zal 'm ook wel mooi vinden. We dingen af van 70 LE naar 30 LE.
We eten noodgedwongen met z'n tweetjes. Roëlla had aangegeven dat ze om zeven uur vanuit de lobby van het hotel zou
vertrekken naar het restaurant 'Toetanchamon' op de westoever. Daar kun je op het dakterras eten en het eten is daar
volgens Roëlla erg lekker. Het restaurant heeft geen kaart; het is eten wat de pot schaft. We willen graag mee en
staan om zeven uur klaar. Als enige! De groep had 's ochtends in de bus naar Dendera besloten om al om zes uur te
gaan eten. De gewijzigde tijden had Roëlla wel op een briefje op het reisprogramma gezet, dat standaard bij de
hotelbalie hangt. Maar daar hebben wij voor het laatst deze ochtend op gekeken. En toen stond er nog zeven uur. We
gaan maar weer bij Lotus eten, met uitzicht op de soek.
Dag 12 - maandag 14 februari - Luxor, trein, El Minya
De 'wake-up call' is om zeven uur. We vertrekken om kwart over acht naar het station van Luxor, waar we om negen
uur de trein naar El Minya zullen nemen. De trein heeft zo'n 20 minuten vertraging. We hebben alle tijd om even lekker
in het zonnetje te staan en met de anderen bij te praten.
De trein lijkt wat schoner dan die van Caïro naar Aswan. Schoner, niet schoon! We vrezen ook met z'n allen voor
het bezoek aan de wc. Na de vorige treinreis heeft Wouter last van zijn darmen gekregen. We hopen er nu alle twee
bacterie-vrij vanaf te komen.
We doorkruizen weer een landbouw gebied en wat dorpjes. Het traject is hetzelfde als van Caïro naar Aswan (alleen
nu natuurlijk de andere kant op). Langs het spoor wordt onder andere suikerriet, rijst, tomaten, alfalfa (veevoer),
bananen en aubergines verbouwd.
De geplande aankomst is half vier. Dan zal, gezien de vertraging, wel vier uur worden.
Hoe langer we in de trein zitten, des te vaker de mobiele telefoons van de Egyptenaren lijken af te gaan. Ze hebben
ook hier allerlei soorten ringtones. De lol lijkt te zijn om het opnemen zo lang mogelijk uit te stellen, zodat de
hele trein kan horen dat je een mobiel hebt.
We arriveren rond half vijf in El Minya. Daar staat een busje, inclusief politie-escorte, op ons te wachten. We
gaan iets geheel nieuws beleven! Alles wat we in/rond El Minya buiten het hotel doen, moet onder politie begeleiding.
Er breken wel eens godsdienstrellen uit in El Minya. De politie beschermt ons daar tegen. Maar als we tijdens een
stadswandeling aan onze politiebegeleiding vragen of het hier dan zo gevaarlijk is, antwoord hij: "no, no, not
dangerous". "Then why are you protecting us?"… Geen antwoord. Het heeft veel weg van werkverschaffing of verborgen
werkloosheid, of van alletwee.
Voor het eten willen we een wandeling maken. Dat kan, maar alleen als groep, en alleen onder politiebegeleiding. We
gaan op pad met twee wandelende politieagenten en vier agenten in een volgauto. Heel bizar zo'n wandeling. We wandelen
over de Corniche (boulevard langs de Nijl) en door een paar belangrijke winkelstraten. We drinken wat in een barretje
langs de weg. Daar zijn we een ware attractie. Mannen hangen aan de overkant over de balkons. Je kunt je afvragen
wie nu wie bekijkt. We eten in het hotel (buffet) en gaan vrij vroeg slapen. De volgende ochtend horen we van anderen
van de groep dat zij nog hebben mee gefeest met een bruiloft die in het hotel werd gevierd.
|